/* IMIX dialoog rieks feedback communicatie how the system presents itself */ U: wat is rsi S: dat zoek ik even voor u op? // makes clear to the user that S does not know the answer by heart but has to look up the answer S: momentje nog // this occurs after a while; makes clear that S is still busy searching U: okay // feedback understanding S: wat zegt u // S did not receive the word correclty but noticed that there was said something U: ik zei okay S: okay S: momentje nog // ... U: ik wacht S: okay U: doe maar kalm aan S: pardon // S did not understand what U said U: laat maar // U intents to say that it was not important what he said before S: u weet al wat rsi is // S misintepreted the 'laat maar' as if U cancelled her initial query U: nee, hebt u het al gevonden // S uses this wording that shows that she understood that S is looking for answers S: pardon // S did not understand what U said/means/intends U: of u het al gevonden hebt // S: nee S: momentje nog U: okay S: momentje nog S: ik kan uw vraag helaas niet beantwoorden // apologize U: geeft niet // downplayer S: hebt u nog een vraag // query U: nee dank u // no_answer and final_greeting closing S: bedankt voor uw geduld end /* dialog02 rieks multi-modal; follow up not understood speech */ U: Welke symptomen vallen onder rsi S: De volgende symptomen vallen onder de verzamelnaam rsi: - nekklachten - voetafdrukken - tunnelsyndroom - wandelende nieren - pijn achter de ellebogen U: wat betekent tunnelsyndroom S: ik versta "wat betekent ..." kunt u het woord markeren of intikken? // het zou U moeten verbazen dat S woorden kan zeggen die deze niet kan herkennen. Toch is dit vaak zo bij SDSs. Als een Nederlander in Frankrijk die wel een paar franse zinnen vloeiend kan uitspreken maar geen zin frans verstaat. Dit systeem is daar op bedacht en geeft een way out. U: okay [U markeert het woord tunnelsyndroom op het scherm door het aan te klikken] S: ik zoek voor u op wat tunnelsyndroom betekent. momentje alsublieft. S: tunnel syndroom is een typisch Zwitsers verschijnsel dat zich hierin uit dat mensen die door bergtunnels rijden beklemd worden door de gedachte dat er geen licht aan het eind is en geen eind aan de duisternis. Helpt niets tegen. U: Waar hebt u deze wijsheid van daan // U had ook kunnen zeggen: 'hoe weet u dit'; maar ook dit wordt verstaan als een verzoek om de bron van de gegeven informatie te geven S: Dit komt uit de COELHO's Medisch Zakwoordenboek (pag. 1024) U: kunt u de paragraaf laten zien. S: [toont de volledige bron tekst] U: bedankt S: my pleasure U: you speak english also // affordance as if the system is able to speak english also typical dutch property S: dat zoek ik even voor u op // S: is kennelijk van oordeel dat er een subject query gedaan is U: wat zoekt u op // een volstrekt logische vraag S: pardon? // die S niet snapt (oei) U: laat maar // U's poging tot reset S: ik begrijp u niet wilt u de tekst intikken U: [drukt op reset button] // dit is de manier om een dialoog te beeindigen // gelukkig wordt die wel eerst gesaved voor die wordt gedelete end /* voorbeelddialoogjes */ /* D1: de gebruiker gaat verder in op het antwoord dat het systeem gaf op zijn eerste vraag */ U: Welke spieren zijn betrokken bij RSI? S: rsi-klachten hebben voornamelijk betrekking op spieren in de armen, handen en de nek. U: dus niet de rugspieren? S: welke spieren zei u? U: in de rug S: pijn in de bovenrug komt ook wel voor als rsi-klacht U: oke, bedankt end /* D2: het systeem start een subdialoog voor verificatie, waardoor de gebruiker een correctie kan toepassen */ U: hoe weet ik of ik rsi heb? S: wilt u informatie over de oorzaken van rsi? U: nee, hoe kan ik rsi herkennen S: wilt u informatie over de symptomen van rsi? U: precies // tekst afkomstig van site rsi-vereniging.nl S: Er is sprake van het RSI-syndroom (bron: Jip Driehuizen & Carien Karsten in Omgaan met RSI; hoe je voorkomt dat het chronisch wordt, 2002) als: ... // U: bedankt voor de info. end /* D3: op de vraag van de gebruiker stelt het systeem een wedervraag met daarin vervolgopties voor de gebruiker */ U: Waardoor kan RSI ontstaan? S: De risicofactoren worden verdeeld in drie groepen: persoonsgebonden, omgevingsgebonden en activiteitgebonden factoren. Waar wilt u informatie over? U: wat zijn persoonsgebonden factoren? S: Over persoonsgebonden factoren heb ik het volgende: Het is bekend dat RSI vaker voorkomt bij vrouwen en jongeren. Verder zijn er de volgende persoonsgebonden factoren die invloed hebben op het krijgen van RSI: lichaamsbouw verminderde conditie hypermobiliteit plichtsgetrouwheid hoge eisen stellen aan werk gemotiveerdheid. U: als je hypermobiel bent, beweeg je toch veel? S: veel bewegen heeft een preventieve werking, mits dit gepaard gaat met veel afwisseling en voldoende rust. RSI kan grofweg ontstaan door het maken van steeds dezelfde bewegingen (dynamische RSI) en door gebrek aan afwisseling (statische RSI). // nu onstaat een subdialoogje waarin de context belangrijk is, i.h.b. de topic-structuur U: aha da's duidelijk, en hoe zit het met de andere factoren? S: wat wilt u precies weten over de andere persoonsgebonden factoren? U: nee, ik bedoel die andere twee groepen factoren die je noemde. S: Ok. Over omgevingsgebonden factoren heb ik het volgende: [tekstfragment] activiteitgebonden factoren: [tekstfragment] U: oke bedankt. S: graag gedaan. end /* D4: wederom gaat de gebruiker inhoudelijk in op het antwoord van het systeem */ U: komt RSI vaak voor? S: In 2003 heeft een op de vijf mensen RSI-klachten U: O, en hoe is dat nu? S: dit zijn de meeste recente gegevens die ik kan vinden over de omvang van RSI. U: aha, jammer. in ieder geval bedankt voor de informatie. S: Graag gedaan, prettige dag nog. end /* D5: illustratie van multimodaliteit (aan de presentatie-kant) in dialoog... */ U: Welke spieren zijn betrokken bij RSI? S: deze zijn aangegeven in de onderstaande plaatjes [een serie plaatjes word naast elkaar getoond] U: kun je het derde plaatje van links wat vergroten? S: [het betreffende plaatje wordt vergroot getoond] U: o sorry, het tweede plaatje, die met die nekspieren S: [het andere plaatje wordt vergroot getoond] U: ja, die ja S: wilt u meer informatie over nekklachten als gevolg van rsi? U: nee, het plaatje nog wat groter als het kan. S: [plaatje nog groter] zo goed? U: dit is voldoende. bedankt. end /* D6: illustratie multimodaliteit, nu ook in de gebruikersinvoer */ U: kunt u een plaatje vinden waarop staat hoe ik achter de PC moet zitten? S: [toont een aantal plaatjes met zithoudingen] welke plaatje heeft uw voorkeur? U: [wijst een plaatje aan] S: [plaatje wordt vergroot weergegeven] U: he nee, ik bedoelde die andere S: [terug naar de klein afgebeelde plaatjes] welke? U: [wijst opnieuw aan] S: [ander plaatje vergroot weergegeven] U: oke, daar een printje van graag S: [stuurt printopdracht] end /* alle dialogen met gesproken input */ /* dialogen met vragen uit het selectiecorpus */ /* aandacht wordt voornamelijk besteed aan goede IR maar slechte antwoordselectie, die blijkbaar het meest voorkomende probleem op dit punt is voor beide QA modules */ /* Meta-antwoorden van het systeem zijn gebaseerd op die voorgesteld door VIDIAM */ /* D1 */ S1: Goedemorgen. Stel je vraag over een medisch onderwerp. U1: Welke spieren zijn betrokken bij RSI? S2: Als er vaak en langdurig dezelfde bewegingen gemaakt zijn, worden pezen en spieren overbelast, wat tot RSI-verschijnselen kan leiden. U2: Welke specifieke spieren worden overbelast dan? /* gebruiker is ontevreden en stelt dezelfde vraag, maar gebruikt woorden van de antwoord */ S3: Tot de specifieke RSI kunnen we de aantoonbare aandoeningen rekenen zoals tendinitis, epicondylitis, Thoracic Outlet Syndroom (TOS), Carpaal Tunnel Syndroom ... U3: Kan rugpijn veroorzaakt zijn door RSI? /* gebruiker probeert zoekopdracht te verkleinen door een meer directe vraag te stellen */ S4: Rugpijn, pijn aan benen, pijn in pezen, nekpijn, pijn in armen en schouders. U4: Eeehhh... Spieren en stijve nek. /* gebruiker probeert parafraseringen te maken, op een traditionele manier */ S5: De levator scapulae, de optiller van het schouderblad kan een stijve nek veroorzaken. De levator scapulae heft en stabiliseert het schouderblad, net als de trapezius, en kan vooral klachten veroorzaken bij een verkeerde werkhouding (werken met opgetrokken schouders) en bij gebrek aan afwisseling. Ook de nekspieren krijgen uiteindelijk te maken met RSI verschijnselen door de verkeerde houding van het hoofd. end /* D2 */ S1: Goedemorgen. Stel je vraag over een medisch onderwerp. U1: Komt RSI in Nederland vaker voor dan in de rest van Europa? S2: De aandacht voor RSI is in Nederland groter dan in Belgie en Duitsland. U2: Ja, maar... Hoe zit het met RSI klachten in Nederland ten opzichte van de rest van Europa? /* gebruiker is ontevreden en parafraseert dezelfde vraag */ S3: Nederland scoort gemiddeld ten opzichte van de rest van Europa. U3: Dank je. S4: Graag tot ziens. end /* D3 */ S1: Goedemorgen. Stel je vraag over een medisch onderwerp. U1: Kan je door RSI in de WAO komen? S2: Dat hangt ervan af. Wat voor werk doe je? /* uiteenlopende antwoorden gevonden: Werknemers met psyschische klachten en RSI zullen voortaan een dubbele WAO-keuring ondergaan. Slechts een beperkt deel van de mensen komt in de WAO vanwege RSI. Aanleiding hiertoe is het grote aantal mensen dat in deze sector door RSI in de WAO belandt. ... Ruim 10% komt door RSI klachten in de WAO. */ U2: Ik ben slager. S3: In de vleesindustrie en andere beroepen met veel repeterende armbewegingen en in kantoorwerk kwamen de klachten al voor voordat de term RSI bestond. De sociaal-economische positie van de beroepsgroep met klachten bepaalde daarbij of zij veel aandacht voor haar problemen kreeg. In Nederland heeft waarschijnlijk het vele computerwerk, de hoge arbeidsproductiviteit per uur en de hoge werkdruk ertoe bijgedragen dat er de laatste jaren veel aandacht was voor RSI. Die aandacht zal er in de toekomst blijven. U3: Aahhh... bedankt. S4: Graag tot ziens. end /* D4 */ S1: Goedemorgen. Stel je vraag over een medisch onderwerp. U1: Helpt pauzesoftware bij de bestrijding van RSI? /* stel dat de woordencombinatie 'pauzesoftware' willekeurig is gemaakt door gebruiker, en bestaat niet */ S2: Het is gebleken dat het houden van pauzes zeer belangrijk is bij RSI bestrijding. U2: Kan ik iets op mijn computer installeren hiervoor, een soort software? /* gebruiker geeft meer informatie in zijn vraag: computer, installeren */ S3: In het preventie en reintegratieprogramma de beeldschermtachograaf is makkelijker te installeren en te beheren en bovendien nog vriendelijker in gebruik. Daarbij is het programma nu uit te breiden met het Analysecentrum. Deze nieuwe module biedt organisaties inzicht in het risicogedrag en de werkbelasting van beeldschermwerkers. De Beeldschermtachograaf is een krachtig instrument bij de bestrijding van RSI. De software kan op zeer veel aspecten individueel worden ingesteld en registreert uiterst nauwkeurig hoe lang en intensief iemand aan de computer werkt. Vervolgens adviseert het de gebruiker als een echte coach op de achtergrond op gezette tijden pauze te nemen en bepaalde oefeningen te doen. U3: Waar kan ik deze software kopen? /* user is satisfied, but wants more info, i.e., this is a follow-up question of the same domain, but based on new info received from system */ S4: Ik kan geen antwoord geven op deze vraag. Wil je een andere vraag stellen? U4: Misschien later... S5: Graag tot ziens. end /* vervolgvraag met anaforische expressie */ U: Wat is de oorzaak van RSI? S: De oorzaken van RSI zijn: 1. veelvuldig herhaalde handelingen 2. een verkeerde houding 3. hoge werkdruk en stress-gevoeligheid U: Over dat laatste zou ik meer willen weten. S: Wilt u meer weten over punt 3? U: Ja. S: De firma Orthica heeft een erg goed middel: Stress Protect. De basisgedachte bij dit middel is dat een lichaam bij stress een verhoogde behoefte heeft aan bepaalde mineralen. De inhoudstoffen zijn dusdanig dat het middel rustgevend werkt, je zenuwstelsel versterkt en deze mineralentekorten aanzuivert. Mijn ervaring is dat het een erg goede aanvulling is bij RSI klachten. U: Dit is niet wat ik bedoelde? S: Wilt u een andere vraag stellen? U: Nee, laat maar. S: Doei! end /* unfocused question */ U: Mijn oudste broer en zus hebben alletwee RSI, maar mijn jongste broertje niet. Terwijl die juist het meeste met computers werkt (hij is grafisch ontwerper, en werkt dus heel veel met een muis!). Dus mijn vraag is nu eigenlijk in hoeverre het erfelijk is. S: Tot de risicogroep behoren ondermeer beroepen die veelvuldig gebruik maken van een muis of pen, zoals architecten en grafisch ontwerpers. U: Maar is het ook erfelijk? S: Erfelijke eigenschappen zijn gecodeerd in de menselijke genen. Wilt u meer informatie over dit onderwerp? U: Nee, ik wil weten of RSI erfelijk is. S: Men weet nog niet of het erfelijk is, maar het komt wel vaker binnen families voor. U: Dus daar is niet meer over bekend? S: Daar kan ik helaas geen antwoord op geven. U: Dan weet ik genoeg. S: Doei! end /* speech synthesis error -> andere modaliteit */ Us: Ik ben op zoek naar informatie over de geschiedenis van RSI. Ss: RSI werd voor het eerst gedefinieerd tijdens de [overstaanbaar woord]. Us: Sorry, dat laatste heb ik niet verstaan. Ss: RSI werd voor het eerst gedefinieerd tijdens de [overstaanbaar woord]. Us: Ik kan het nog steeds niet verstaan. Ss: Wilt u de tekst op het scherm zien? Us: Graag. St: RSI werd voor het eerst gedefinieerd tijdens de KKPM-meeting. Us: Kan ik daar meer informatie over krijgen? Ss: Wilt u de hele paragraaf zien? Us: Ja. Ss: [systeem leest hele paragraaf voor] Hebt u verder nog vragen? Us: Nee, bedankt. Ss: Doei! end /* Recovery from wrong answer */ Us: Is dat besmettelijk, RSI? Ss: Een koortslip is besmettelijk vanaf ongeveer drie dagen voor het ontstaan van de blaasjes tot aan het tijdstip dat zij weer verdwenen zijn. Om besmetting van anderen te voorkomen kan je in die tijd niet zoenen of knuffelen. Us: Nee, ik bedoelde RSI! SS: Kunt u uw vraag anders formuleren? Us: Is RSI besmettelijk? Ss: Voor zover bekend is RSI niet besmettelijk. Us: Aha. Ss: Heeft u verder nog vragen? Us: uh, nee Ss: Doei! end /* Multimodaal */ U: Wat is een goede oefening tegen RSI? S: Leg uw hand op de rand van de tafel. Trek Uw vingertoppen langzaam naar u toe. Wilt u dat ik de oefening nog eens herhaal. U: Sorry hoor, maar dat begrijp ik niet. Leg nog eens uit. S: [toont filmpje van zelfde oefening] Wilt U dat ik de oefening nog eens herhaal. U: Nee, dank u. Dat was volkomen duidelijk. S: Wilt U nog een oefening horen? U: Nee. S: Doei! end /* Spiral clarifications */ Us: Kunnen kinderen ook last krijgen van RSI. Ss: Vooral de ergonomie van computerwerkplekken is ver onder de maat, maar ook de werkplekken in de klassen zijn lang niet altijd aangepast aan de huidige generatie kinderen. Beeldschermen en stoelen staan te hoog of te laag, de muis is te groot voor kinderhanden en computers staan te dicht op elkaar of tegen het licht in, zodat kinderen last van hun ogen krijgen. Us: Wat is ergonomie? Ss: Ergonomie is het vakgebied waarin mens-machine systemen op micro, meso en macro niveau ontwikkeld worden. Us: Wat is meso niveau? Ss: Sorry, op deze vraag kan ik geen antwoord vinden. Kunt U de vraag herformuleren? Us: (...) Ss: Sorry, ik heb niets gehoord. Kunt U de vraag herformuleren? Us: Uh, nee. Ss: Wilt U nog iets anders vragen? Us: Nee dank U wel. Ss: Doei! end /* Basics */ U: Wat is RSI? S: Zoek op internet wat RSI is en je vindt 1001 verschillende beschrijvingen. U: Uh, doe er maar 1 dan? S: Sorry, ik heb u niet begrepen. Wilt u uw vraag nog eens herhalen? U: Kunt U mij 1 van die 1001 beschrijving van RSI geven? S: Op deze vraag heb ik geen antwoord. Wilt U nog een vraag stellen? U: Wat is RSI nu? S: Daarnaast kun je een kijkje nemen op rsi.pagina.nl. Dit is een startpagina met links naar verschillende sites over RSI. Let wel op dat je nu niet te lang achter de computer blijft zitten. Dat is niet goed, zeker niet als je al RSI-klachten hebt. U: [loopt weg] end U: Hoeveel mensen hebben RSI problemen ? S: [Toont plaatje van grafiek] U: Betekent dat dat RSI vaak voorkomt ? S: RSI komt vaak voor bij mensen die lang achtereen achter hun pc zitten. U: Wat is lang ? S: Meer dan twee uur. end U: Zijn er evenveel mannen als vrouwen die last hebben van RSI ? S: Sommige vrouwen hebben herhaaldelijk last van blaasontsteking . // echt antwoord van imix U: Is dat een gevolg van RSI ? S: Ik begrijp niet wat u bedoelt. U: Is blaasontsteking een gevolg van RSI ? S: Chronische blaasontsteking is vaak het gevolg van urineretentie of van afwijkingen in de blaas . end U: Wat moet ik doen om RSI te voorkomen ? S: Oefeningen om RSI te voorkomen [plaatjes van rek en strek oefeningen] U: Hoe vaak moet ik die oefeningen doen ? S: De oefeningen moeten elke dag gedaan worden . end U: Wat moet ik doen tegen pijn in mijn schouders ? S: Oefeningen tegen schouderpijn [plaatje van oefening] U: [wijst op linkerarm] Hoe moet ik die bewegen ? S: Draai de armen naar achteren rond. end U: Wat betekent een tintelend gevoel in mijn handen ? S: Tot de symptomen horen een tintelend gevoel en andere abnormale sensaties in handen en voeten, koude vingertoppen, hoofdpijn, zwakte en duizeligheid . // echt antwoord imix U: Tot de symptomen van wat ? S: De symptomen verergeren naarmate de pati�nt vaker aan de irriterende stoffen wordt blootgesteld . // echt antwoord imix U: Dat vroeg ik niet . S: Het spijt me dat ik u niet heb kunnen helpen . end U: Ik dit [wijst op plaatje met gewichten] laatste gekocht. Het zijn een soort van kleine gewichtjes die je aan je handen vast kunt maken. Ik doe daar nu oefeningen mee. Helpen dat soort dingen? S: Het is altijd goed oefeningen te doen. U: Waarom is het goed oefeningen te doen? S: Oefeningen doen helpt voor de doorbloeding van de spieren. end U:In hoeverre bestaat er nu een relatie tussen RSI en stress? S: Stress en RSI zijn gerelateerd. U: Betekent dat dat iedereen die stress heeft ook RSI krijgt? S: Niet iedereen die stress heeft krijgt RSI. U: Hoeveel procent van de mensen met stress krijgt RSI? S: 50% van de mensen met een hevige vorm van stress krijgt RSI. end U: Bestaat er software om RSI tegen te gaan? S: Ja er is pauze-software verkrijgbaar. U: Hoe gaat dat in zijn werk dan? S: De pauze-software geeft een signaal af wanneer er een pauze genomen moet worden. end U: Wanneer moet je naar de dokter? Hoe erg moeten de klachten zijn? S: Dat is moeilijk te zeggen. Het is verstandig niet te lang te wachten. Zijn de klachten chronisch? U: Ja S: Ga dan naar de dokter. end U: Mijn kind heeft RSI. Komt dat vaak voor bij kinderen? S: RSI komt vaker voor bij volwassenen, dan bij kinderen. end /* clarificatie, moeilijke vragen, onvolkomen en onvolledige antwoorden */ U: Welke oefeningen kan ik op mijn werkplek uitvoeren om RSI te voorkomen? S: Bij het uitvoeren van oefeningen moet u op de volgende aandachtspunten letten. Voer de oefeningen rustig uit. Rek nooit tot het pijn gaat doen. Als door een oefening meer pijn ontstaat, moet u stoppen. //echt antwoord van imix U: Heb je het nu over RSI-oefeningen? S: Ja, dit zijn RSI-oefeningen. U: Kun je wat meer vertellen over die oefeningen? S: Je hebt een aantal oefeningen: hand-oefeningen, schouderoefeningen, en nekoefeningen. U: Nekoefeningen. S: Hier zijn enkele nekoefeningen. Buig het hoofd voorover en houd dit gedurende enkele seconden vol tot je een lichte rek in de nekstreek voelt. [plaatje van voorover gebogen hoofd] ... end U: Krijgen kinderen ook RSI? S: Er is australisch onderzoek naar RSI bij kinderen.//echt antwoord van imix U: Wat waren de resultaten van dat onderzoek? S: Een van de resultaten was, dat 60% van schoolkinderen met laptops ongemak ervaren met het gebruik ervan, en 61% ongemak ervaren door het ronddragen van de laptops. U: Wat voor soort ongemak? S: Ik kan geen antwoord vinden op uw vraag. U: Hoe kan men het ongemak dan voorkomen? S: Er worden enkele voorlopige adviezen gegeven: 1. Laat de kinderen regelmatig pauzes nemen 2. Gebruik minder zware laptops ... end U: Hoe kan ik RSI voorkomen? S: Het volgende is een mogelijk antwoord op uw vraag: // dialoogmanager geeft lage confidence van QA-systeem aan Om verdere kostenstijging voor de samenleving te voorkomen en RSI patienten adequaat te kunnen behandelen dient wetenschappelijk onderzoek door de overheid gestimuleerd te worden, niet alleen naar preventie maar ook naar de genese en behandeling van RSI. // echt antwoord van imix U: Ja, maar hoe kan IK het voorkomen? S: Is dit geen antwoord op uw vraag? Hier zijn enkele alternatieve antwoorden... 1. Ook wordt informatie en nuttige adviezen gegeven om RSI door beeldschermwerk te voorkomen. // echt antwoord van imix 2. Wetenschappelijk onderzoek toont aan dat RSI definieerbaar en meetbaar kan zijn en derhalve geen vaag omschreven ziektebeeld is. // idem U: Dit is het ook niet. S: Is dit geen antwoord op uw vraag? Ik begrijp dat het gaat over "RSI voorkomen". Kunt U nog meer details vertellen? U: Ik doe beeldschermwerk. S: Bij beeldschermwerk moet U de juiste houding aannemen en regelmatig pauzes nemen. end U: Kan ik RSI krijgen? S: Dat hangt ervan af. Wat voor werk doe je? U: Ik doe beeldschermwerk. S: Beeldschermwerkers zijn een risicogroep. Men moet bij beeldschermwerk oppassen voor nek, schouder, armen en handen. U: Wat voor soort nekklachten kan ik krijgen? S: Symptomen van RSI in de nek zijn stijfheid en pijn in de nek. U: En in mijn handen? S: Symptomen van RSI in handen en armen zijn: pijn, zelfs na rust, spierzwakte, opgezwollenheid, overgevoeligheid, gevoelloosheid, en een prikkend gevoel. end /* een paar moeilijke multimodale dialogen */ U: Hoe kan ik mijn werkplek het beste inrichten om RSI te voorkomen? S: Men moet de stoel en tafel juist plaatsen en het scherm op ooghoogte plaatsen. [plaatje van werkplek met scherm, toetsenbord en voetensteun] U: [wijst op voetensteun] Wat is dat? S: Dat is een voetensteun, die is bedoeld in het geval de voeten de grond niet raken. U: Mag ik het plaatje weer? S: [plaatje] U: Hoe groot moet deze [wijst lijn aan tussen hoofd en beeldscherm] afstand zijn? S: De afstand tussen ogen en beeldscherm moet minimaal 50 cm zijn. end U: Wat voor RSI kan ik in mijn pols krijgen? S: Een van de meest voorkomende is de muisarm. Hierbij ontstaat er littekenweefsel bij de pezen in de pols. De handzenuw kan worden afgeknepen. [doorsnee van hand met pezen botten en zenuwen] U: Waar wordt nu de handzenuw afgeknepen? S: [licht het deel van het plaatje op waar de handzenuw onder de carpal tunnel doorloopt] U: [wijst een pees aan, en nog een] Zijn dit de pezen? S: [licht alle pezen op] Jawel. U: Zijn de spieren hier ook aangegeven? S: Nee, de spieren zitten in de onderarm. [laat plaatje van onderarm zien] end /* communicatieproblemen */ Us: Is een tennisarm een vorm van RSI? S: Zegt u nu "muisarm", of iets anders? U kunt het woord ook aanwijzen op het scherm. Us: tennisarm. S: Zegt u nu "muisarm", "tennisarm", of iets anders? U kunt het woord ook aanwijzen op het scherm. U: [wijst het woord "tennisarm" aan] S: Ja, een tennisarm is een vorm van RSI. [...] end /* 1. (Definitievraag; ideaal geval; alleen antwoorden; 1 zin per antwoord) */ U: Wat is RSI? S: RSI staat voor Repetitive Strain Injury. U: Ja, maar wat is dat? S: Repetitive strain injury is een aandoening die in de volksmond bekend staat als ‘muisarm’ of beeldschermwerk gerelateerd. U: En kunt u ook uitleggen wat een muisarm is? S: De muisarm is te herkennen aan pijn aan de bovenzijde van de onderarmspieren en pijn aan de bovenzijde van de elleboog. U: Waar wordt dit door veroorzaakt? S: Een muisarm wordt veroorzaakt door steeds herhaalde bewegingen met de onderarm. end. /* 2. (Definitievraag; ideaal geval; alleen antwoorden; meerdere zinnen per antwoord) */ U: Wat is RSI? S: RSI staat voor Repetitive Strain Injury. RSI op zich is geen ziekte, maar een begrip voor een bepaalde mate van aandoeningen en klachten. De Nederlandse RSI Vereniging hanteert de volgende algemene definitie: "RSI is een verzamelnaam voor klachten, symptomen en syndromen die voorkomen in bovenrug, nek- en schoudergebied, armen, ellebogen, polsen, handen en vingers. De klachten worden doorgaans veroorzaakt door repeterende bewegingen, een langdurige statische houding of een combinatie van beiden. Verder kunnen persoonsgebonden en werkgebonden factoren een belangrijke rol spelen bij het ontstaan, verergeren of het instandhouden van RSI." U: Wat voor factoren zijn dat? S: Factoren die een rol spelen bij het ontstaan van RSI klachten zijn: • povere inrichting van de (computer)werkplek • te weinig afwisseling en beweging in het werk • repeterend karakter van de taken • te lange werktijd • te hoge werkdruk / stress • weinig sturingsmogelijkheden / satisfactie in werk • matige conditie van de (beeldscherm)werker • matig lichaamsbewustzijn van de (beeldscherm)werker U: Wat bedoelt u met een povere werkplek? S: De werkplek moet geschikt zijn voor het werk dat men doet. Het mag niet zo zijn dat iemand een onnatuurlijke houding moet aannemen om zijn werk goed uit te kunnen voeren. Om een voorbeeld te geven: als een beeldscherm niet voor u staat maar naast u dan moet er gedurende het werk steeds opzij gekeken worden. Dit is onnatuurlijk voor de nek. end. /* 3. (Definitievraag; met clarificatievragen; 1 zin per antwoord) */ U: Wat is RSI? S: Wilt u een definitie of een verklaring van de afkorting? U: Een definitie. S: RSI is een verzamelterm voor diverse pijnklachten in de nek, schouders, armen, polsen en handen als gevolg van een chronische overbelasting. U: En waar staat de afkorting voor? S: Welke afkorting? U: RSI natuurlijk! S: RSI is de afkorting van 'Repetitive Strain Injury'. U: Maar wat betekent dat? S: Letterlijk betekent de term 'blessures door herhaalde belasting'. end. /* 4. (Definitievraag; circulair; 1 zin per antwoord) */ U: Wat is RSI? S: RSI is een aandoening die in de volksmond bekend staat als ‘muisarm’. U: Kunt u dan uitleggen wat een muisarm is? S: De muisarm is een vorm van RSI die op dit moment vrij bekend is. U: Ja, maar wat IS het nou? S: Een muisarm is een beroepskwaal die steeds vaker voorkomt. Us: Aaaargh! end. /* 5. (Definitievraag; ideaal geval; multimodale antwoorden) */ Us: Dag, kunt u mij vertellen wat RSI is? Sst: Jazeker. RSI is een verzamelnaam voor klachten, symptomen en syndromen die voorkomen in bovenrug, nek- en schoudergebied, armen, ellebogen, polsen, handen en vingers. Als u wilt kan ik u meer informatie geven over symptomen, oorzaak, of voorkomen van RSI. [Plaatje van lichaam waarin de genoemde lichaamsdelen gelijktijdig oplichten met de spraak.] Us: Ja graag. Sst: Wilt u meer informatie over de symptomen, over de oorzaak, of over het voorkomen van RSI? [Met juiste intonatie (alternatievenvraag). Eronder een bulleted list: - symptomen -oorzaak –voorkomen (clickable links)] Us: [klikt op ‘oorzaak’ in de lijst] Sst: RSI wordt doorgaans veroorzaakt door repeterende bewegingen, een langdurige statische houding of een combinatie van beiden. Verder kunnen persoonsgebonden en werkgebonden factoren een belangrijke rol spelen bij het ontstaan, verergeren of het instandhouden van RSI. Als u wilt kan ik u meer informatie geven over deze factoren. Us: Ja, over persoonsgebonden factoren alstublieft. Sst: Persoonsgebonden factoren die een rol spelen bij het ontstaan van RSI klachten zijn: • matige conditie van de (beeldscherm)werker • matig lichaamsbewustzijn van de (beeldscherm)werker Us: OK, en wat zijn dan de werkgebonden factoren? Sst: Werkgebondenfactoren die een rol spelen bij het ontstaan van RSI klachten zijn: • povere inrichting van de (computer)werkplek • te weinig afwisseling en beweging in het werk • repeterend karakter van de taken • te lange werktijd • te hoge werkdruk / stress • weinig sturingsmogelijkheden / satisfactie in werk U: Wat bedoelt u met een povere werkplek? Sst: De werkplek moet geschikt zijn voor het werk dat men doet. Het mag niet zo zijn dat iemand een onnatuurlijke houding moet aannemen om zijn werk goed uit te kunnen voeren. Om een voorbeeld te geven: als een beeldscherm niet voor u staat maar naast u dan moet er gedurende het werk steeds opzij gekeken worden. Dit is onnatuurlijk voor de nek. Op bijgaande afbeelding ziet u hoe een goede werkplek eruit ziet. [werkplek plaatje] /* 6. */ U: Wat kan ik doen om een muisarm te voorkomen? S: De muisarm is een van de vormen van RSI die het meest voorkomen. U: Nee, ik bedoel een oefening ofzo. S: Wat wilt u weten over een oefening? U: Zijn er oefeningen die helpen tegen een muisarm. S: Hieronder volgen oefeningen die u tijdens uw werk aan uw bureau kunt uitvoeren. Uiteraard zijn er veel meer te bedenken, maar dit zijn een aantal voorbeelden. Herhaal de oefeningen een aantal malen per dag - zeker wanneer het druk is! En laat de tijdsduur tenminste één minuut zijn. Bij het uitvoeren van de oefeningen moet u op de volgende aandachtspunten letten: Voer de oefeningen rustig uit. Rek nooit tot het pijn gaat doen. Als door een oefening meer pijn ontstaat, moet u stoppen. 1. Rugoefening Zit rechtop, met rechte ruggegraat Leg uw handen in uw nek en duw uw ellebogen naar achteren Laat uw armen langzaam in uw schoot zakken en ontspan uw rug Wilt u meer oefeningen? end. U: Wat is cholera? S: Een acute, besmettelijke darmziekte, veroorzaakt door de bacteriën Vibrio cholerae en Vibrio el-tor. U: Is het dodelijk? S: In de zwaarste gevallen overlijdt de patiënt zonder behandeling reeds na enkele uren. Bij een epidemie zijn er echter ook steeds vele lichte gevallen; bovendien herstellen vele ernstige zieken bij goede behandeling. U: Hoe herken je cholera? S: De voornaamste verschijnselen zijn hevige diarree en heftig braken. U: Zijn er nog andere symptomen? S: Ik ken geen andere symptomen. U: Bedankt. end. U: Wat is de uitslag van de Kroatische verkiezingen? S: President Stipe Mesic heeft gewonnen. U: Met hoeveel procent van de stemmen? S: Mesic had 49,03% van de stemmen. U: Wie was tweede? S: Jadranka Kosor was tweede met 20,18% van de stemmen. U: Komt er een tweede ronde? S: Er komt een tweede verkiezingsronde op 16 januari 2005. U: Ok. end. U: Wat is het syndroom van Guillain-Barr? S: ook syndroom van Landry-Guillain-Barr-Strohl, polyradiculopathie of polyradiculoneuropathie (n. G. Guillain, Frans neuroloog, 1876-1961, J.A. Barr, Frans neuroloog, 1880), ziektebeeld waarbij in de loop van enkele dagen tot weken uitgebreide ve U: Volgens mij klopt er iets niet. S: Het spijt me. Ik heb de vraag en het antwoord doorgestuurd naar de beheerder. Die zal het antwoord corrigeren. U: Hoe lang duurt dat? S: Ik weet niet hoe lang het antwoord corrigeren duurt. U: Nou, dan ga ik ergens anders zoeken. end. U: Ik zie lichtflitsen. Wat is er aan de hand? S: Intermitterende paraesthesieën in het palmaire deel van het door de n. ulnaris verzorgde gebied van de hand, distaal van de pols, OF Pijn in het door de n.ulnaris geïnnerveerde gebied van de hand die uit kan stralen naar de onderarm [7,8,10-12] Intermitterende pijn, lokaal of rond het gewricht, OF Lokale stijfheid na een rust periode of specifiek uitlokkende bewegingsgerelateerde oorzaak [3-10,12] zie richtlijnen welke informatie te registreren U: Huh?! Wat heeft dit met lichtflitsen te maken? S: De hoofdpijnaanvallen stralen uit naar de slaap. Zij treden vooral 's avonds en 's nachts op en lijken enigszins op die van migraine; de bij migraine behorende verschijnselen van lichtflitsen, misselijkheid en braken komen echter gewoonlijk niet voor bij de clusterhoofdpijn. Wel komen afscheiding uit de neus en tranende ogen voor. U: Ik heb geen last van hoofdpijn. S: In de meeste gevallen gaat het bij kinderen echter om aanvallen van `gewone', kortdurende hoofdpijn. Kinderen merken het wel, maar hebben er niet echt veel last van. Ze spelen gewoon door, blijven op school of hun sportclub en melden meestal na afloop thuis pas dat ze hoofdpijn hadden. U: Nee, ik ben 64 en ik heb GEEN hoofdpijn. S: Het spijt me, deze vraag begrijp ik niet. Kunt u het anders formuleren? U: Ik heb last van lichtflitsen. Is er iets mis met mijn ogen? S: Bij netvliesloslating ontstaan eerst lichtflitsen en ziet de patient `spinnen' (als gevolg van kleine bloedinkjes in het netvlies) of zwarte stippen (dit zijn rode bloedcellen die op het netvlies liggen), vervolgens vage, donkere plekken voor het oog. Na enige tijd treedt een steeds grotere beperking van het gezichtsveld op, alsof er een gordijn voor het oog wordt geschoven. U: Ok. Wat moet ik doen? S: Voor een diagnose kunt het beste naar een dokter gaan. U: Bedankt. end. U: Merk je iets van een te laag gehalte aan Kalium tijdens het sporten? S: Bij nierinsufficientie bepalen veranderingen van de dorstprikkel meestal hoeveel water iemand drinkt. Soms wordt de inname van water beperkt om te voorkomen dat het natriumgehalte in het bloed te laag wordt. De inname van zout (natrium) wordt meestal niet beperkt, behalve wanneer zich vocht in de weefsels ophoopt (oedeem) of wanneer hoge bloeddruk ontstaat. Bijzonder kaliumrijke voedingsmiddelen, zoals zoutvervangende middelen, dienen te worden gemeden en kaliumrijke voedingsmiddelen dienen niet in te grote hoeveelheden te worden geconsumeerd. Een hoog kaliumgehalte in het bloed (hyperkaliemie) is gevaarlijk omdat dit de kans op hartritmestoornissen en hartstilstand vergroot. Indien dit gehalte te hoog wordt, kunnen geneesmiddelen alsnatriumpolystyreensulfonaat het kalium binden, waardoor het met de ontlasting wordt uitgescheiden. Een spoeddialyse kan echter noodzakelijk zijn. U: Nee, dit gaat over een te hoog gehalte van kalium. S: Het spijt me. Ik heb de vraag en het antwoord doorgestuurd naar de beheerder. Die zal het antwoord corrigeren. U: Ja maar wat moet ik nu doen? S: Voor een diagnose kunt het beste naar een dokter gaan. U: Ik ben op zoek naar informatie, niet naar een diagnose. S: Diagnose: In een vroeg stadium wordt de diagnose van slaapapneu meestal gebaseerd op informatie van degene die naast de patient slaapt, die luid snurken of het geluid van naar lucht happen melden en getuige zijn van angstig wakker worden door ademnood of een toenemende vermoeidheid overdag. Een centrum voor slaaponderzoek is de beste plaats om de diagnose te bevestigen en de ernst van de aandoening te beoordelen. Met behulp van dergelijke analyses kan onderscheid worden gemaakt tussen het obstructieve en het centrale type van het slaapapneusyndroom. U: Begrijp je eigenlijk wel wat ik zeg? S: Deze vraag begrijp ik niet. Kunt u hem misschien op een andere manier stellen? U: $#%@! end. U: Goedemorgen! S: Welkom bij de IMIX Demonstrator versie 0! Wat kan ik voor u doen? U: Ik ben bang dat mijn dokter mijn vrouw inlicht over mijn ziekte. Mag dat eigenlijk wel? S: Artsen zijn gebonden aan de zwijgplicht, die deel uitmaakt van de beroepsethiek (beroepsgeheim). Dit betekent dat zij zonder uw schriftelijke toestemming geen informatie over u mogen verstrekken aan personen of instanties die niet bij de behandeling zijn betrokken. U: Gelukkig, daar hoef ik dan niet bang voor te zijn. S: Nee, inderdaad niet. U: Wie mag eigenlijk mijn pattientendossier inzien? S: De gegevens die over u worden opgeslagen worden vertrouwelijk behandeld volgens de regels die hiervoor gelden. Zo kunnen bijvoorbeeld alleen de medewerkers van het ziekenhuis die daartoe bevoegd zijn bepaalde gegevens opvragen en/of inzien. U: Prima. Maar mag ik het zelf inzien? S: U hebt het recht uw gegevens in te zien. Een verzoek daartoe kunt u richten aan de behandelend arts of het hoofd van de medische afdeling waar u onder behandeling bent. Het is raadzaam voor het inkijken van het dossier een aparte afspraak te maken zodat de arts eventuele vragen direct kan beantwoorden. U: Perfect. Bedankt voor de informatie! S: Graag gedaan. end. /* Dialogen voor VIDIAM We hebben drie dialogen gemaakt. Ze veronderstellen geen peninput. Aandacht op clarification en follow-upvragen */ /* Dialoog 1: */ U: wat is ouderdomsdementie? /* systeem vindt geen ouderdomsdementie, wel dementie */ S: Ik heb geen specifieke informatie over ouderdomsdementie gevonden. Zal ik u informatie over dementie geven? U: ja, graag S: Dementie is de afname van geestelijke vermogens die meestal geleidelijk verergert. U: Hoe snel kan het gaan? S: Dementie kan bij jonge mensen plotseling ontstaan. U: hoe kan dat dan? S: Door verschillende oorzaken zoals ernstig letsel, toxische stoffen, of een ernstige ziekte, kunnen hersencellen afsterven. end. /* Dialoog 2: */ U: Wat kan voeding doen bij anemie? /* ambigue vraag */ S: Bedoelt u wat voeding kan doen om anemie te voorkomen of om anemie te verhelpen? U: om anamie te verhelpen S: Het is van belang om de oorzaak van anemie te weten. /* te veel oorzaken voor anemie */ U: weet ik niet. S: Anemie ontstaat vaak door vitamine B12 tekort en nog vaker door een foliumzuur tekort. /* suggestie */ U: Ik weet de oorzaak niet. S: dan kan ik u helaas niet verder helpen end. /* Dialoog 3: */ U: Wat zijn de risico’s van paradontitis? S: Bedoelt u parodontitis? U: ja, ik denk het wel S: Bedoelt u met risico’s de oorzaken of de gevolgen van parodontitis? U: Uh, de gevolgen S: Parodontitis is een van de belangrijkste oorzaken van tandverlies bij volwassenen en de belangrijkste bij oudere mensen. U: Wat kan je ertegen doen? S: Parodontitis vereist een professionele behandeling. end.