U: Ik dit [wijst op plaatje met gewichten] laatste gekocht. Het zijn een soort van kleine gewichtjes die je aan je handen vast kunt maken. Ik doe daar nu oefeningen mee. Helpen dat soort dingen? S: Het is altijd goed oefeningen te doen. U: Waarom is het goed oefeningen te doen? S: Oefeningen doen helpt voor de doorbloeding van de spieren. end U:In hoeverre bestaat er nu een relatie tussen RSI en stress? S: Stress en RSI zijn gerelateerd. U: Betekent dat dat iedereen die stress heeft ook RSI krijgt? S: Niet iedereen die stress heeft krijgt RSI. U: Hoeveel procent van de mensen met stress krijgt RSI? S: 50% van de mensen met een hevige vorm van stress krijgt RSI. end U: Bestaat er software om RSI tegen te gaan? S: Ja er is pauze-software verkrijgbaar. U: Hoe gaat dat in zijn werk dan? S: De pauze-software geeft een signaal af wanneer er een pauze genomen moet worden. end U: Wanneer moet je naar de dokter? Hoe erg moeten de klachten zijn? S: Dat is moeilijk te zeggen. Het is verstandig niet te lang te wachten. Zijn de klachten chronisch? U: Ja S: Ga dan naar de dokter. end U: Mijn kind heeft RSI. Komt dat vaak voor bij kinderen? S: RSI komt vaker voor bij volwassenen, dan bij kinderen. end